Reis 1: Lezing Dido Michielsen – Lichter dan ik


30 Bezoekers (max aantal bezoekers volgens de strengere maatregelen RIVM) gingen op onze 1ste “Reis” mee naar boekhandel Kemenade & Hollaers. Daar zat Dido Michielsen hen allen op te wachten en nam zij iedereen mee naar het Java van 1850…

René Hollaers opent de lezing en heet iedereen van harte welkom. Hij vertelt dat de lezing van Dido in samenwerking met onze stichting, tot stand is gekomen. Daarna geeft René het woord aan Rob Adolphs, vrijwilliger van Arjati en dagvoorzitter van de lezing. Rob legt uit wie stichting Arjati is en geeft daarna het woord aan Dido. Dido begint met het introduceren van de hoofdpersonen uit haar boek, dit doet zij aan de hand van foto’s die zij op displays heeft gezet. Daar is eerst haar bet-, betovergrootmoeder Isah, de verteller en belangrijkste hoofdpersoon uit het boek, die bij geboorte, van haar moeder eerst de naam Piranti krijgt. Daarna stelt Dido de Nederlandse officier Gey voor, die Piranti later de naam Isah geeft. Er is ook een foto van de twee dochters die Isah met Gey krijgt, Pauline en Louisa. Een er van de twee overgrootmoeder van Dido. Ook stelt zij Tjanting voor, waar Isah op oudere leeftijd, hele goede vriendinnen mee wordt. Tjanting is getrouwd met Ferdinand Wiggers. Een batikpen wordt ook Tjanting genoemd, waar de was uitkomt waarmee je bij het batikken het patroon afdekt dat nog niet geverfd mag worden… Op de 1ste bladzijde word je al gelijk meegenomen door deze vriendin Tjanting die op boeiende wijze uitlegt dat zij slechts de schrijver is, Isah de verteller… Dan neemt Tjanting je mee naar het leven in de kraton (paleis sultan) anno 1850…

Dido vertelt dat zij eerst gedegen research werk heeft moeten verrichten voordat zij haar boek kon schrijven. Dat research werk deed zij o.a. door in Djokjakarta zelf door het sultanaat te wandelen om zo de beleving te krijgen hoe het vroeger in de kraton eraan toeging en ook in de wijken buiten de muren van het sultanrijk. Ook is Dido in de diverse geschiedenisboeken gedoken om zo waarheidsgetrouw mogelijk haar boek volgens de geschiedenis te schrijven. Zij vertelt hoe de rangen en standen in een kraton zijn opgebouwd. Dat de kinderen die de sultan of een van zijn prinsen van de diverse vrouwen kregen, niet altijd erkend werden. Werd je erkend, dan werd je automatisch ook een prinses. De rest van de vrouwen die ook kinderen van de sultan (of van een van zijn prinsen) kregen, zoals de kleermaakster, de moeder van Prianti (later Isah), werden niet erkend. Dit betekende dat deze vrouwen en hun kinderen altijd in dienst moesten staan van de sultan en zijn gevolg. Zij stelden verder in het sultanaat niets voor. Het enige om nog iets hoger op te komen, was dat deze dochters uitgehuwelijkt werden. Zo vertelt Dido ook dat als klein meisje, Piranti optrekt met de andere kinderen uit de kraton, waaronder Karisinah en Djatmie. Pas rond haar 9de jaar komt Piranti erachter dat de andere 2 meisjes echte prinsessen zijn (dus erkend) en dat die in rang ver boven haar staan. Prianti maakt mee dat de prinsessen Karsinah en Djatmie uitgehuwelijkt werden aan veel oudere mannen. In die tijd begon dat al vanaf 14 à 15 jaar. Piranti is ook voorbestemd om uitgehuwelijkt te worden, maar ziet dit niet zitten. Zij denkt slim te zijn om met een Hollandse officier, genaamd Gey, verder te gaan, in de hoop dat deze met haar zal trouwen. Van deze Gey krijgt zij de naam Isah. Dido vertelt verder, dat als Isah nog maar net een paar dagen in het huis van Gey woont, zij bezoek krijgt van Lot, de echtgenote van de beste vriend van Gey, Arnold. Lot heeft ook gemengd bloed, maar voelt zich hoog verheven boven Isah. Zij vertelt Isah duidelijk wat haar rol in het huis is. Dat Isah puur de huishoudster van Gey is en dat zij namens Gey moet zorgen dat het personeel naar haar luistert. Dat zij naar een doekoen (soort van medicijnman/vrouw) moet gaan om te zorgen dat zij geen kinderen kan krijgen. Betekent dat een doekoen door bepaalde massage kan zorgen dat de baarmoeder zo verdraaid wordt, dat de vrouw in kwestie nooit zwanger kan worden. Vaak is dit dan ook onomkeerbaar. Isah gaat niet naar de doekoen en raakt 2 x zwanger en krijgt toch 2 dochters van Gey. Pauline en Louisa. Door de blanke mengeling van de vader werden deze meisjes lichter van kleur dan Isah (titel: Lichter dan ik). Door ook deze letterlijk lichtere kleur dan hun moeder Isah, staan zij in de Hollandse maatschappij hierdoor ook hoger op de maatschappelijke ladder. Isah hoopt dat Gey ooit met haar trouwt zodat zij geen Njai wordt die later weggestuurd kan worden. Een Njai, legt Dido uit, deelt het bed met de heer des huizes en tegelijk is zij ook zijn huishoudster en de verbinding tussen het personeel in huis. Haar rol was dat bij bezoek zij hetzelfde moet zijn als een meubelstuk, onzichtbaar voor het bezoek. Alleen als zij opdracht hiervoor kreeg mocht zij zich weer bewegen. Merendeel van de Njai’s, (werden ook wel oermoeder genoemd.), werden (met het ouder worden of met de komst van een Europese vrouw) veelal weer terug naar de kampong gestuurd (velen verdwenen voorgoed). Als de kinderen zo rond 3 en 5 jaar zijn, vertrekt Gey naar Nederland om een Nederlandse vrouw te trouwen.  De grootste angst van Isah wordt werkelijkheid. Isah boft dat haar kinderen geadopteerd worden door de beste vriend van Gey en zijn hooghartige echtgenote Lot. Zij mag de baboe van haar eigen kinderen worden, maar mag aan de kinderen nooit laten blijken dat zij hun moeder is. Een zeer zware opgave voor Isah. Op haar oude dag raakt Isah bevriend met Jjanting die getrouwd is met Ferdinand Wiggers. Isah vraagt Tjanting haar verhaal op te schrijven. En zo is het verhaal toch nog wereldkundig gemaakt. 

Hiermee eindigt Dido haar lezing en nadat er eerst koffie/thee met spekkoek aan iedereen is uitgedeeld (in kader van Covid-19 geen pauze) begint de interactie tussen het publiek en Dido. Er worden veel vragen gesteld waaronder ook of Dido zelf last heeft van haar kleur. Daar zegt de schrijfster, nooit last van te hebben. Ook vroeg een dame wat nu precies het verschil tussen Indonesisch en Indisch is. Dido legt uit dat als er maar 1 procent Europees bloed in iemand zit, deze al gelijk Indisch is, dus geen volbloed Indonesische meer. Dagvoorzitter Rob Adolphs vroeg nog hoe het was om getrouwd te zijn met een Auke Kok, ook schrijver/journalist. Dido zei dat ze elkaar aanvullen en elkaars werk soms ook nog corrigeren. Op de vraag waarom haar adoptiekinderen uit China kwamen, antwoordde Dido dat voor haar een bewuste keuze was om Aziatische kinderen te adopteren. Graag had zij deze uit Indonesië zelf gehad, maar dat bleek destijds heel moeizaam te gaan. In China ging dat veel soepeler en zo kwamen hun 2 adoptiekinderen uit China. Daarna wordt er nogmaals hartelijk voor Dido geapplaudisseerd en ontvangt zij uit handen van de dagvoorzitter Rob Adolphs een bos bloemen als dank voor deze bijzondere middag van “Nu naar Toen…”

De volgende reis is op 17 oktober, voor meer informatie zie https://www.arjati.nl/activiteit/the-journey-of-belonging/

Graag tot ziens op een van de volgende reizen,
de werkgroep van stichting Arjati

De werkgroep samen met René Hollaers (Kemenade & Hollaers) en Dido Michielsen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.