Persoonlijke verhalen

Interviews door Kees Wouters, in opdracht van het Bredaas Stadsadsarchief, vastgelegd op film.

Kees Wouters is historicus en vrijwilliger en adviseur bij Stichting Arjati. Onderstaande geïnterviewde personen hebben allen een link met Nederlands Indië/Indonesië. Uitgebreidere informatie en de interviews kunt u vinden op de website van Kees Wouters.

Ietje Anakotta (1942) is de dochter van een Molukse KNIL sergeant. Het gezin Anakotta kwam in 1963 naar Breda. Vader ging werken bij bierbrouwerij de Drie Hoefijzers en Ietje zette zich in voor de sociale en culturele ontwikkeling van de Wijk De Driesprong. Ze was betrokken bij talloze activiteiten onder andere in Buurthuis Toma (nu Batu Karang) en werd in 2013 als enige inwoner van Breda uitgenodigd om aanwezig te zijn bij de inhuldiging van Koning Willem Alexander in de Nieuwe kerk te Amsterdam.

Gerrit Baelemans (1920-2016) groeide op in een arbeidersgezin in Breda West en meldde zich in 1938 aan als vrijwilliger bij het KNIL.

Anton Brekelmans (1925-2017), jongere broer van Frans Brekelmans. In 1947 moest Frans Brekelmans als dienstplichtig soldaat naar Nederlands-Indië, maar na anderhalf jaar overleed zijn vader en mocht hij naar huis om de timmerfabriek over te nemen.

Roos Holslag-Cornelius (1930) werd geboren in Tjiandjur op Java. Tijdens de onafhankelijkheidsoorlog werkte ze als verpleegster in een ziekenhuis op Java, waar ze zowel Indonesische als Nederlandse militairen verzorgde.

Renée Louise Fokke (1940) werd geboren in Batavia en vertrok in 1946 met haar moeder naar Amsterdam. Ze was nauw betrokken bij de oprichting van een monument in de tuin van woonzorgcentrum Raffy ter nagedachtenis van de slachtoffers van de Japanse bezetting en de Bersiap.

Cornelis van Geenen (1927) en Suze van Geenen-Beynon (1932) groeiden op in respectievelijk Djokjakarta (Java) en Manokwari (Nieuw Guinea). Ze ontmoetten elkaar op een militair terrein van het Nederlandse leger op Nieuw Guinea.

Marinus (Rien) van Gurp (1928-2013) werkte tijdens de oorlog korte tijd bij de machinefabriek Breda (Backer en Rueb), maar na de bevrijding meldde hij zich aan als vrijwilliger bij de Marine. Omdat hij niet de juiste opleiding had, werd hij overgeplaatst naar de Genie en als dienstplichtig soldaat naar Nederlands-Indië gestuurd.

Masje Cornelia Dragt-Kalkman (1936-2012) werd geboren in Soest en vertrok in 1939 met haar ouders naar Bandoeng op Java. In 1953 keerde het gezin weer terug naar Holland.

Henk Kemper (1929-2015) werd geboren in Probolinggo op Java. Henk Kemper werd op 15 oktober 1945 gearresteerd en gemarteld, niet door de Japanners, maar door Indonesische vrijheidsstrijders.

Piet Lambers (1927) meldde zich in 1945 als vrijwilliger voor de militaire dienst in Nederlands Indië.

Frits Lisapaly (1950) is de zoon van een Molukse KNIL sergeant. Hij kwam vanuit kamp Vught in 1963 naar De Driesprong in Breda.

Juliana (Meity) Molenaar-Legand (1938) groeide op in Batavia.  Na de Japanse capitulatie verbleven Meity met haar moeder en zus op een omheind terrein, waar ze door Britse Gurkhas werden beschermd tegen de terreur van de Pemuda’s (Indonesische vrijheidsstrijders). In 1954 vertrok het inmiddels weer herenigde gezin naar Nederland.

Charles F. Turpijn (1938) werd geboren in Palembang op Sumatra, maar groeide op in Surabaya op Java. Charles vluchtte tijdens de Japanse bezetting met zijn moeder en broer naar een rustige buitenwijk, maar uiteindelijk werden ze toch opgepakt en acht maanden lang gevangen gehouden in de binnenlanden van Java. Halverwege 1946 volgde de bevrijding door Engelse legertroepen. Een jaar later vertrok het gezin naar Nederland.

Matua Mattheus Wattimena (1920 – 2016), Johanna Wattimena-Hetharia (1927-2018) en zoon J.L.D. (Darcos) Wattimena (1954). Matua Wattimena was een Molukse korporaal bij het KNIL. Na de Japanse capitulatie ontmoette hij in Makassar Johanna Hetharia. Volgens de dienstorder meldde Matua zich in Amersfoort waar hij zijn uniform en insignes moest afleggen.

 

Erfgoed Bibliotheek Stichting Arjati (onderdeel van Indisch Museum)

 

In de bibliotheek van Stichting Arjati worden verschillende verslagen, documenten en levensverhalen van mensen bewaard, die opgeschreven zijn door vrijwilligers van Arjati. Deze kunnen op verzoek ingekeken kunnen worden.

2 reacties op “Persoonlijke verhalen

  1. 8 september 2013 om 14:42

    Beste stichting Arjati,

    Onlangs ben ik een onderzoek begonnen naar het verleden van mijn grootouders in Nederlands-Indië. Mijn opa was een KNIL soldaat en mijn oma een burgermeisje. Aangezien ik maar 1 verhaal ken van mijn opa over zijn tijd in een jappenkamp, ben ik een blog begonnen over deze zoektocht.
    Hopelijk wilt u aandacht besteden aan mijn blog via uw website of facebook.

    Alvast bedankt!

    • 9 september 2013 om 19:27

      Beste Raymond, Dat is goed. Ik zal het deze week op onze Arjati site plaatsen.
      Hartelijke groeten van Magda Wallenburg,
      voorzitter Stichting Arjati

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.